Het laatste Schutterstuk

Deze tekening is al wat rest van een opmerkelijk initiatief
van de Historische verzameling der Schutterij: de opdracht voor een schuttersstuk.
Op 5 juli 1920 bestond de Historische Verzameling der Schutterij 25 jaar.
In mei van dat jaar gaat er een brief naar belangstellenden
waarvan de eerste alinea’s luiden:
Den 5 Juli a.s. zal het 25 jaren geleden zijn,
dat de Historische verzameling der Schutterij,
Als eene zelfstandige instelling bestaat.
Op dien dag hebben de Heeren G. Th. D. Slaap, A.J. J. Ph. Haas en L.M. P. G. Hoorn, onafgebroken zitting gehad als leden van het Bestuur.
Ondergeteekenden meenen, dat deze dag voor genoemde Heeren
niet mag voorbijgaan, zonder dat van de zijde der leden
- eventueel ook van andere belangstellenden –
door een stoffelijk blijk van belangstelling getoond wordt
hoe zeer de werkzaamheden dier bestuursleden
allerwege waardering hebben gevonden.
Velen geven aan deze oproep gehoor.
Op de jaarvergadering van maandag 5 juli 1920
wordt het 25-jarig jubileum van de stichting op grootse wijze gevierd;
hoogtepunt is het aanbieden van een schets
van een door de kunstenaar Hobbe Smith te maken schilderij,
dat in één van de zalen van de verzameling zal worden geplaatst.
De schets van dit ‘Schuttersstuk’ maakt onder nummer KOG SC-1-0191
(oude nummering 364/25) deel uit van de verzameling.
Het is een pentekening van 367 x 485 mm.
waarop van links naar rechts de in uniform geklede heren
G.Th.D. Slaap, A.J.J.Ph. Haas en L.M.P.G. Hoorn te zien zijn.

Op 15 juni 1921 is het schilderij van de drie jubilarissen af
en wordt het feestelijk aangeboden in de bibliotheekzaal van de verzameling,
waarna men samen met kunstenaar Hobbe Smith in restaurant Trianon gaat dineren. Helaas is het schilderij in de tweede wereldoorlog door militaire actie verloren gegaan
en rest in de verzameling slechts onderstaande zwart wit foto.
Opvallend is dat, in tegenstelling tot de eerder gemaakte schets,
de dappere schutters op het definitieve schilderij niet in uniform zijn.
De reden van deze verandering is niet bekend.
Het op het schilderij afgebeelde tinnen inktstel is één van de vier exemplaren
die aan de verzameling toebehoorden en die van 1815 tot 1828 in gebruik waren
bij de Krijgsraad der Schutterij en daarna tot 1885 bij de Schuttersraad.
Over Het laatste Schutterstuk, zie: R. Joghems, “Het laatste Schuttersstuk”.
De historie van de Historische Verzameling der Schutterij te Amsterdam,
Koninklijk Oudheidkundig Genootschap, Amsterdam 2011
(verkrijgbaar op het KOG-kantoor à € 10,-)
Over Hobbe Smith (Geboren Witmarsum 1862, Overleden Amsterdam 1942):
De veelzijdige kunstenaar Hobbe Smith werkte aanvankelijk
op een steendrukkerij in Amsterdam toen zijn tekentalent werd ontdekt.
Dankzij een vermogende beschermheer en een beurs van koningin Wilhelmina
kon hij een opleiding volgen aan de Rijksakademie in de hoofdstad
en daarna aan de Tekenakademie in Antwerpen,
waar hij les kreeg van de beroemde schilder Charles Verlat.
Het oeuvre van de schilder is zeer gevarieerd;
hij toont zich vaardig in het schilderen van zowel landschappen,
stadsgezichten en schepen als naakten en stillevens.
Andere tekeningen van Hobbe Smith in het bezit van het KOG (collectie J. van Eck)
zijn o.a. te zien op de beeldbank van Stadsarchief Amsterdam.
