KOG-Hoogleraar
Dr. A.A.M. (Ad) de Jong (1947) is sinds 1 januari 2009 bijzonder hoogleraar Nederlandse cultuurgeschiedenis, in het bijzonder de studie der voorwerpen, aan de Faculteit der Geesteswetenschappen van de Universiteit van Amsterdam (UvA).
De leerstoel is in 1990 ingesteld vanwege het Koninklijk Oudheidkundig Genootschap (KOG) en is achtereenvolgens bekleed door
prof. dr. Wim Vroom,
prof. dr. Peter Sigmond en
prof. dr. Susan Legêne.
De leerstoel maakt deel uit van de leerstoelgroep Cultuurgeschiedenis van Europa van de afdeling Kunst-, religie- en cultuurwetenschappen.
Onderzoek en onderwijs
Ad de Jong houdt zich als bijzonder hoogleraar bezig met de cultuurgeschiedenis van Nederland, waarbij afbeeldingen en voorwerpen als volwaardige historische bronnen centraal komen te staan. Hij richt zich op de cultuurhistorische betekenis van voorwerpen door bestudering van de – in de tijd verschuivende – functie en betekenis van roerende en onroerende historische objecten. Hij betrekt hierbij met name objecten die deel zijn gaan uitmaken van nationale museumcollecties en expliciet zijn ingezet ten behoeve van de schepping van nationale identiteit. Daarbij zijn de vragen actueel welke betekenis deze objecten hebben voor nieuwe bevolkingsgroepen en hoe de selectie van het nationaal erfgoed tot stand komt. Over deze thematiek geeft De Jong onder andere masteronderwijs aan studenten Algemene cultuurwetenschappen en Kunstgeschiedenis. Ook zal hij betrokken zijn bij de duale masters Museumstudies, Museumconservator en Erfgoedstudies van de UvA. Praktijkonderzoek in musea en analyses van museale presentaties zullen een belangrijk onderdeel vormen van de werkcolleges.
Curriculum Vitae
De Jong studeerde geschiedenis en museologie aan de Rijksuniversiteit Leiden en is sinds 1981 werkzaam bij het Nederlands Openluchtmuseum, eerst als hoofd Onderzoek en Collectievorming en vanaf 1991 als wetenschappelijk beleidsmedewerker van de directie. Hij publiceerde diverse artikelen over museologische en museumhistorische onderwerpen en nam het initiatief tot het in 1998 georganiseerde project ‘Brieven aan de Toekomst’, waarbij de bevolking opgeroepen werd een beschrijving van het dagelijks leven in te zenden. In 2001 promoveerde hij cum laude aan de Vrije Universiteit Amsterdam op het proefschrift De dirigenten van de herinnering. Musealisering en nationalisering van de volkscultuurinNederland 1815-1940. Voor die tijd werkte hij onder andere als hoofd van de afdeling Beleidsontwikkeling Musea bij het toenmalige Ministerie van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk en was hij redacteur van de nota Naar een nieuw museumbeleid (1976). Op het ogenblik is hij nauw betrokken bij de voorbereiding van een aantal nieuwe projecten in het Nederlands Openluchtmuseum op het gebied van migratie. Samen met algemeen directeur Jan Vaessen van het Openlucht museum tekende hij in 2007 voor de conceptontwikkeling van het Arnhemse plan voor een nationaal historisch museum, op grond waarvan Minister Plasterk deze stad als vestigingsplaats voor het toekomstige museum heeft gekozen. De Jong bekleedt verschillende advies- en bestuursfuncties. Zo is hij lid-deskundige op het terrein van Nederlandse etnologie bij de Commissie Wet Behoud Cultuurbezit van de Raad voor Cultuur en lid van de Raad van Beheer van het Germanisches Nationalmuseum (Neurenberg, Duitsland). Omslagen van de Nederlandse en Duitse versie van het Boek “De dirigenten van de Herinnering”
Publicaties Ad de Jong (selectie) (ed.)
Naar een nieuw museumbeleid. Beleidsnota Ministerie van CRM (Rijswijk 1976)
[en Mette Skougaard] ‘De Hindeloper en de Amager kamer. Twee voorbeelden van een historisch museumfenomeen’, De Vrije Fries 72 (1992) p. 88-108 [English version: ‘The Hindeloopen and the Amager Rooms. Two examples of an historical museum phenomenon’, Journal of the History of Collections 5 (1993) 2, p. 165-178; Version en français: ‘Les intérieurs de Hindeloopen et d'Amager. Deux exemples d'un phénomène muséographique', Publics & Musées 9 (janv.-juillet 1996) p.17-35]
‘Dracht en eendracht. De politieke dimensie van klederdrachten, 1850-1920’, in: Klederdracht en kleedgedrag. Het kostuum Harer Majesteits onderdanen, 1889-1998 (Nijmegen, 1998) p. 67-82 [English version:‘Roots and Rituals on display. Dutch traditional costumes in new settings 1850-1920’, in: Ton Dekker, John Helsloot en Carla Wijers (ed.), Roots & Rituals. The construction of ethnic identities (Amsterdam 2000) p. 761-770]
‘ “You are lucky, the farmer has just returned!” The role of the open-air museum in interpreting life of individuals as opposed to the history of architecture’, in: ICOM Study series 6. ICOM’s International Committee for Regional Museums (Parijs 1999) p. 15-18
[en Carla Wijers] (ed.) Brieven aan de Toekomst. Een dag uit het leven van…. (Utrecht 1999)
De dirigenten van de herinnering. Musealisering en nationalisering van de volkscultuur in Nederland 1815-1940 (proefschrift VU, Nijmegen/Arnhem 2001, tweede druk Amsterdam 2006) [Deutsche Übersetzung: Die Dirigenten der Erinnerung. Musealisierung und Nationalisierung der Volkskultur in den Niederlanden 1815-1940 (Münster 2007)]
Gesloten wegen bewoning. Arnhemse oorlogsevacués in het Openluchtmuseum, september 1944 – januari 1945 (tweede geheel herziene druk Arnhem 2004) [English version: War evacuees in the Open Air Museum. A sequel to the battle of Arnhem september 1944 – January 1945 (Arnhem 2004)]
‘Volkskultur und Nationalimaginationen in den Niederlanden 1815-1940’, in: Jahrbuch für Volkskunde 28 (2005) S. 7-26
‘Aubade voor de eenentwintigste eeuw. Nieuwe trends inhistorischeenetnologische musea’, in: Bert de Munck &Werner van Hoof (ed.), De poppen aan het dansen. Honderd jaar Antwerps Volkskundemuseum. Nieuwe visies op erfgoed en musea (Nijmegen 2007) p. 161-182
‘Het Zeeuwse meisje: icoon van herrijzend Nederland’, in: Joris van Eijnatten, Fred van Lieburg en Hans de Waardt (ed.), Heiligen of helden. Opstellen voor Willem Frijhoff (Amsterdam 2007) p. 325-336
[en Jan Vaessen, Willemien Beurskens] Nationaal Historisch Museum Arnhem (Arnhem, 2007)
‘Canon en competitie. De museologische achtergronden van het NHM’, in: Museumvisie 31 (2007) 4 (dec.) p. 24-26
‘Gegenstand oder Vorstellung? Erfahrungen mit Living History, vor allem am Beispiel niederländischer Freilichtmuseen’, in: Jan Carstensen, Uwe Meiners en Ruth-E. Mohrmann (ed.),
Living history im Museum. Möglichkeiten und Grenzen einer populären Vermittlungsform (Münster 2008), S. 61-78
Warme gevoelens en koude rillingen. Over musea en odes aan de saamhorigheid. Reinwardt Memorial Lecture (Amsterdam 2008)
