Schenking Reisnecessaires

Wereldverhalen in een fraaie kist (versie 1605)

Door Anne-Lot Hoek

 

Op 22 april jl. presenteerde het KOG (Koninklijk Oudheidkundig Genootschap)  acht reisnecessaires tijdens een ‘schouw’ in het auditorium van het Rijksmuseum. Onder de bezienswaardigheden bevonden zich een exemplaar van Koningin Emma, een picknickkoffer van Koning George V en een grote toiletkoffer van Prinses Naryshkine, de officiële maîtresse van Tsaar Alexander I. Allerlei verzamelaars, kenners en andere geïnteresseerden in de kunst en antiekwereld mochten zich vergapen aan de zeer bijzondere luxe reiskisten uit de 18e tot de 20e eeuw, een schenking die het KOG recent ontving van verzamelaars Mies en Jaap Kamp.

 

Charlotte van Rappard, KOG bestuurslid collecties en voormalig hoofdinspecteur van de Inspectie voor Cultureel Erfgoed van OCW, ging bij de opening van de schouw terug naar het jaar van oprichting van het KOG, 1858. De initiatiefnemers van toen zouden de collectie van 19 reisnecessaires als ideaal voor ogen kunnen hebben gehad bij het formuleren van de KOG doelstellingen: de bevordering van de kennis van het verleden door het aanleggen en onderhouden van verzamelingen. “Het gaat om de persoonlijke verhalen achter de reiskisten die zo interessant zijn” aldus van Rappard later tijdens de schouw. “Door zulke objecten zien we het leven van vroeger in de spiegel, de reflectie van de sociale status en een weergave van de persoonlijkheden van de eigenaren.” De schenking en de bijbehorende schouw zijn een kroon op een langdurige verzamelpassie van het echtpaar Kamp dat de objecten - door hun aantal en kwaliteit van een unieke culturele waarde -verzamelde over een periode van 25 jaar.

 

Voor Jaap en Mies Kamp was het de cultuurhistorische waarde wat hen de afgelopen decennia mateloos heeft gefascineerd, zo vertelt Kamp in zijn introductie: welk verhaal schuilt er achter die beeldschone necessaire? Wie heeft de kist gemaakt en waarom? Wie was de eigenaar? Hoe zagen zijn of haar leven en omgeving eruit en hoe verhield dat alles zich tot het tijdsbeeld? De gepensioneerde bankier en zijn vrouw, amateur zilver-expert, schaften hun eerste kist aan in 1990, een necessaire uit 1840 van de Franse makers Berthet en Peret. Maar de trigger om zich echt volledig in de reiskisten te verliezen kwam ongeveer vijf jaar later, aldus Kamp. “Dat was de kist van Marie-Antoinette uit 1791 in het Musée de la Parfumerie in Grasse.” Want wat bleek: er stond een bijna identieke kist in het Louvre in Parijs. Het echtpaar ontdekte dat een van de kisten na de mislukte vluchtpoging van de koningin tijdens de Franse Revolutie via Milaan bij Napoleon was beland die hem aan zijn vrouw Josephine cadeau gaf, waarna hij via omzwervingen bij Italiaanse families in 1955 aan het Louvre werd geschonken. Beide kisten hadden diverse reizen afgelegd langs grootse episoden uit de geschiedenis. Het was het begin van een gepassioneerde verzamelhobby die het echtpaar zelf op een reis voerde onder andere langs necessaire makers Louis Vuitton en Hermès in Frankrijk, het Duitse Schloss Fasanerie, de Hermitage in Rusland waar een reisapotheek van Peter de Grote staat en een private bezichtiging van nécessaires van Koningin Victoria op Buckingham Palace.

 

Een reisnecessaire is niet alleen interessant vanwege het verhaal, het voorwerp heeft uiteraard ook een kunsthistorische waarde. Ze werden zo’n twee à drie eeuwen geleden gebruikt door reizigers van vorstelijke of adellijke huize om hun meest noodzakelijke spullen mee te nemen in een aparte kist waar de Fransen de term nécessaire de voyage  voor gebruikten. De reisnécessaire van toen was de voorloper van een beautycase of picknickmand, of een combinatie van beide. De precies passende, vaak kostbare, inhoud kon tijdens het reizen tegen een stootje maar moest ook getuigen van de verfijnde smaak van de eigenaar en de luxe die hij of zij zich kon permitteren. Veel kisten die de Kampen  aantroffen zijn niet meer compleet, dat maakt de 19 geschonken exemplaren die dat wel zijn dan ook extra significant.

 

“Complete kisten uit de 18e eeuw zijn zeer zeldzaam: ze gingen vaak verloren door intensief gebruik, omsmelting voor oorlogsvoering of roof tijdens de Franse revolutie” zo vertelt Mies Kamp tijdens de schouw terwijl ze met zorg en aandacht een van de vele kleine objecten uit een reiskist haalt. De inhoud van de kisten bestaat uit allerlei toiletartikelen of rijk gedecoreerde theeserviezen en er zitten ook voorwerpen tussen die tegenwoordig niet meer worden gebruikt, zoals een vergulde tongschraper, een parelmoeren uitvouwbare duimstok of een pruiken opdrukker. “De voorwerpen zijn met zoveel detail, vakmanschap en oog voor perfectie vervaardigd” aldus Mies Kamp die een piepklein zilveren doosje met mini envelopjes toont, “het is echt op de millimeter gemaakt.” Onder Napoleon Bonaparte werd Frankrijk koploper in het vervaardigen van de oogstrelende meesterstukken met beroemde makers als hofleverancier Martin-Guillaume Biennais. Tweede helft 19e eeuw verschoof de vernuftige maak van het elite item ook naar Engeland, waar Edwards & Sons het picknickkoffertje vervaardigde voor George V dat ook als voetenbank in de auto diende. 

 

Dirk Jan Biemond, conservator metalen Rijksmuseum en lid van de KOG-commissie die over de verwerving adviseerde roemt diverse exemplaren uit de collectie waaronder een empire exemplaar van Biennais met gegraveerde P dat wellicht aan Bonaparte’s zuster Pauline kan worden toegeschreven. Biemond’s favoriet uit de collectie is het koffertje van krokodillen leer met emaille en zilver toiletgerei waarvan inmiddels de makers uit Birmingham zijn geïdentificeerd.

 

Een van de topstukken van de collectie is de reisnecessaire van Koningin Emma, die opmerkelijk genoeg niet uitblinkt in grandeur maar in eenvoud. Het kistje, dat het echtpaar aanschafte op de Juliana-veiling van Sotheby’s  in 2011, is omstreeks 1890 gemaakt door de Parijse zilversmid Joseph Aimé en bevat verschillende doosjes en flacons met verguld zilveren deksels met een gekroond monogram ‘E’ erin gegraveerd. Er zit ook een spiegel bij, een geheime lade voor juwelen, een schrijfmap met vloeibladen met afdrukken van Emma’s handschrift en twee kaarsenhouders die zowel op de kist geschroefd kunnen worden als op twee kristallen voeten, later bijgemaakt door de Amsterdamse firma Bonebakker. “De reistoiletten kwamen Emma goed van pas” vertelt Kamp tegen een van de bezoekers op de schouw, “want na de dood van haar man Willem III reisde zij als koningin-regentes vaak met haar dochter Wilhelmina tussen Paleis het Loo en Den-Haag.” De reiskist schitterde dan ook naast andere fraaie exemplaren op een tentoonstelling die Jaap en Mies hielpen organiseren op Paleis het Loo in 2014. Ook is het een van de 25 necessaires waarvan de Kampen het uitgebreide verhaal optekenden in hun boek ‘Koninklijke reiskistjes, Vorsten op reis’ geïllustreerd met prachtig fotowerk (uitg. Waanders 2013).

 

Het KOG ontving al in 1940 een enkel reiskistje, het zogenaamde legaat ‘Hancock’, een piepklein schilpadden kistje van de gelijknamige Brits-Nederlandse familie dat omstreeks 1700 is gemaakt. Nu heeft het KOG de grootste verzameling van reiskisten in Nederland, zo stelt KOG-voorzitter Chris van Eeghen. Volgens Dirk Jan Biemond zullen bij de registratie alle voorwerpen die de 19 kistjes gezamenlijk bevatten, stuk voor stuk moeten worden beschreven! Het genootschap beheert daarnaast een grote verzameling voorwerpen van kunst en geschiedenis zoals schilderijen, tekeningen, meubels, textiel, boeken, waaiers, gevelstenen, munten en penningen. Van tijd tot tijd wordt de collectie aangevuld door schenkingen, legaten of aankopen. Sinds 1885 kennen KOG en Rijksmuseum een nauwe samenwerking waarbij de KOG-collecties in langdurig bruikleen aan het Rijksmuseum zijn gegeven. Het is de bedoeling dat het Rijksmuseum, in wiens depot het KOG haar objecten dus huist, ook daadwerkelijk iets met de collectie gaat doen en de kistjes vaker te zien zullen zijn in lopende tentoonstellingen, aldus Chris van Eeghen.

 

De verzamelwoede van het echtpaar Kamp is hiermee geenszins ten einde, zo bleek uit Kamp’s woorden tijdens de schouw. Er zijn contacten in Azië waar in samenwerking met het Tassenmuseum wordt gesproken over een reizende tentoonstelling en ook heeft het echtpaar de droom een nieuw boek te maken, waarvoor uiteraard ook nieuwe reizen moeten worden ondernomen. Recent ontdekte Kamp tot zijn vreugde en verbazing een vergeten kist bij het modehuis Hermès dat het verhaal van een bijzondere en exotische liefdesgeschiedenis droeg. De kist met de initialen ‘KBF’ bleek voor niemand minder te zijn gemaakt dan voor Karen Blixen-Finecke, de in Kenya woonachtige schrijfster die beroemd werd door de verfilming van haar boek ‘Out of Africa.’ De ware ‘Robert Redford,’ Denis Finch-Hatton, had voor zijn tragische verongelukking (1931) blijkbaar een prachtige necessaire voor zijn minnares laten maken. “Maar hij had hem uiteraard nooit opgehaald” aldus de bevlogen verzamelaar. “En zij heeft nooit geweten dat de kist al die tijd op haar stond te wachten bij het Franse modehuis”. Op het scherm prijkt een groot beeld van het exemplaar, dat om een kundige repatriëring roept. Het is een van die bijzondere kisten met verhalen waarvoor het echtpaar Kamp waarschijnlijk nog lange tijd de wereld over zal reizen.  

© 2015 Koninklijk Oudheidkundig Genootschap

This site was designed with the
.com
website builder. Create your website today.
Start Now